Als je samen wilt winnen,
heb je er niets aan om elkaar te verslaan
Wat een sportveld ons kan leren over relaties, conflicten en vrede
Deze week sta ik als scheidsrechter op het veld tijdens de World Masters Hockey in Breda.
Spelers uit de hele wereld, tussen de 65 en 80 jaar. Mensen die vroeger op hoog niveau hebben gehockeyd en nog steeds dolgraag willen winnen.
Prachtig om te zien. En leerzaam.
Want zodra het niet loopt zoals gehoopt, gebeurt er iets interessants.
Na een wedstrijd sprak ik een speler van een Nederlands team. Ze hadden opnieuw verloren. De voorbereiding was goed geweest. Ze hadden veel getraind. Ze wilden winnen. Maar het kwam er niet uit.
Ik vroeg hem:
“Zijn jullie eigenlijk wel een team?”
Natuurlijk, was zijn eerste reactie.
“Maar voelt dat tijdens de wedstrijd ook zo? Willen jullie echt sámen winnen? Of worden jullie, als het niet lukt, steeds meer elkaars tegenstanders?”
Hij beaamde dat dat laatste het geval was.
Dit deed me denken aan een meisjesteam dat ik jaren geleden coachte. Oud of jong maakt eigenlijk niets uit. Belangrijk is dat ze lekker samen spelen terwijl ze voor het resultaat gaan..
Een verhaal helpt daarbij. Ik vroeg de speelsters:
Welk dier is de beste jager?
Welk dier in de natuur is volgens jullie het meest efficiënt in het vangen van een prooi?
“Leeuwen!”, riepen ze.
“Nee,” zei ik. “Als het niet lukt, gaan die gewoon weer in de zon liggen.”
“Het zijn de hyena’s.”
Waarom? Omdat hyena’s als groep samenwerken en de kracht van de roedel benutten. iedereen doet mee en iedereen draagt bij. Oud, jong, zwak, sterk, het maakt niet uit. Voor de meiden was het beeld eenvoudig. Ze begrepen direct dat iedereen in het team belangrijk is.
Dus vroeg ik ze voordat ze het veld opgingen:
“Hoe gaan we vandaag spelen?”
In koor:
“ALS HYENA’S!”
Ik moet daar deze week in Breda regelmatig aan denken en deel het verhaal graag.
Want wat gebeurt er als je heel graag wilt winnen en het lukt niet?
De frustratie neemt toe.
Je gaat harder werken. Het zelf proberen op te lossen. Je moppert op een ander die een fout maakt. Je ergert je aan iemand die niet doet wat jij vindt dat nodig is. Ook aan scheidsrechters.
Allemaal heel begrijpelijk.
Maar zonder dat je het doorhebt, gebeurt er ook iets anders.
Je ontkracht je eigen team.
Degene die je nodig hebt om te kunnen winnen, wordt iemand aan wie je je ergert. Je ziet niet meer wat die ander wél kan bijdragen. Je gaat het alleen doen. En je ziet ook niet meer dat je zelf niet meer effectief bent.
En dat kost bakken vol energie.
Niet alleen bij jou, maar ook bij de ander. Met als wrang resultaat dat de kans om te bereiken wat je zo graag wilt, alleen maar kleiner wordt.
En dit gebeurt natuurlijk niet alleen op een hockeyveld
Het gebeurt in organisaties. In gezinnen. En misschien wel het meest zichtbaar in relaties.
Juist wanneer iets belangrijk voor ons is en we bang zijn om het kwijt te raken, kunnen we degene die naast ons staat uit het oog verliezen.
We gaan overtuigen. Controleren. Mopperen. Harder werken. Of het zelf doen.
Je voelt je meer en meer alleen. Je mist de teamspirit.
Niet omdat we tegen de ander zijn. Maar omdat we zó graag willen dat het goed komt. Dat we winnen.
En voor je het weet, voelt degene met wie je ooit aan dezelfde kant stond als je tegenstander. Iemand die het anders zou moeten doen,
Terwijl je die ander niet nodig hebt om te beginnen met het oplossen van wat jóu in de weg zit.
Wat er is gebeurd kun je niet veranderen. Wel wat het met je doet.
En daar begint de winst. Wat gebeurt er met míj? Waarom raakt dit me zo? Wat zit mij in de weg om vrij te blijven reageren? Waar komt de angst te verliezen vandaan?
En als je dát kunt oplossen, ontstaat er weer ruimte. Om de ander opnieuw te zien. Niet als degene die in de weg staat, maar als iemand met wie je verbonden bent, ook als je verschillend denkt, voelt of handelt.
Wat noemen we eigenlijk winst?
Op het hockeyveld begrijpen we dat onmiddellijk. In een relatie is het soms al moeilijker. En als landen tegenover elkaar staan, lijken we het soms helemaal te vergeten.
De vraag is misschien niet alleen: hoe winnen we?
Maar: wat noemen we eigenlijk winst?
Want als mijn overwinning betekent dat jij bent vernietigd, vernederd of voorgoed mijn vijand bent geworden, wat heb ik dan precies gewonnen?
Je kunt voor je eigen belang staan zonder de ander tot vijand te maken. Je hoeft het niet met elkaar eens te zijn om te onderzoeken wat er nodig is om verder te kunnen.
Misschien begint bewustwording niet met de vraag wie er gelijk heeft, maar met de vraag wat er gebeurt.
Zijn we werkelijk elkaars tegenstanders? Of zijn we dat onderweg gaan geloven?
Als je samen wilt winnen, heb je er niets aan om elkaar te verslaan.
Met dank aan Frank Reelick voor de foto!






